In beweging – Milly Betten en Jan Loman

Bij de opening van de tentoonstelling van Milly Betten en Jan Loman vertelde Joost van Bodegom, goede vriend van wijlen Jan Loman en oud-burgemeester van Beetsterzwaag, onder andere over de verhouding van Jan Loman tot het landschap en de verbeelding ervan.

Milly Betten gaf ons een inkijkje in haar leven als beeldend kunstenaar. Ze nam ons mee naar haar jeugd en de verschillende periodes in haar werk.

Ze vertelde wat het landschap van het noorden voor haar betekent, de liefde ervoor en de ingrepen in dit landschap, waardoor het is veranderd:

Ik ben opgegroeid in Ferwert met de zeedijk op een paar honderd meter achter ons boerderijtje. Aan de voorkant hadden we zicht op de terp van Hogebeintum, die naast de dijk de enige bobbels in het verder vlakke landschap waren. De zeedijk is er om je te beschermen tegen hoog water. In mijn jeugd was die niet hoog genoeg. Ik was bang voor hoog water. Vorige week was ik naar de Stormruiter in het FEC waar ook de strijd tegen het zeewater werd verbeeld op t Bildt. En welk plan wordt het dan: de bestaande dijk verhogen of een gedeelte gewonnen land erbij inpolderen? Thema’s waar ook Jan Loman mee te maken had.

En over de aard van het schilderij:

Een schilderij staat dus stil. Maar door er enige tijd naar te kijken heb je al beweging gekregen. In mijn werk probeer ik de toeschouwer te verleiden met zijn ogen over het werk te gaan en telkens even te blijven hangen om dan weer verder te gaan.

en haar eigen werk:

Ik ben een landarbeider,
en leg paden aan
en ik graaf wat sloten.
Bevrucht het land
en
 zaai potelingen.
Ook haal ik er weer wat tussen uit.

En aan het eind van het seizoen
zet ik een huis op de dijk.

IMG_1475-c
Milly Betten, Emulgator 6, olieverf op doek, 80 x 100 cm (2018)

Het openingsfeest was heerlijk en prachtig

Jubel!

Het openingsfeest op 4 augustus was heerlijk en prachtig, met zoveel belangstelling en zoveel vrienden.

Schrijver Hans Muiderman hield een boeiende voordracht:

Overpeinzing vooraf 

‘Denken doe je met je lichaam. Als je zit voltrekt het denken zich anders dan als je wandelt. En weer anders dan als je fietst of als je je al zittend verplaatst bijvoorbeeld in een trein. Als ik in de trein schrijf, zijn mijn teksten altijd licht van toon.

Veel inspiratie doe ik op als ik me verplaats. Maar als ik iets noteer omdat het me opvalt, doe ik dat natuurlijk in stilstand. 

Het schrijven zelf doe ik het liefst in een bijna absolute stilte, met ruim uitzicht en op een harde stoel. Na een paar uur schrijven ga ik wandelen. In geval van fictie schrijven gaat het verhaal dan verder in mijn hoofd. Een plot ontstaat altijd wandelend. Elk plot dat zittend ontstaat, kan later worden weggegooid.

Een reisverhaal maak ik nooit vlak nadat ik gereisd heb. Zou ik dat doen, dan werd ik journalist. Pas weken na het reizen begin ik te schrijven. Ik schrijf vanuit mijn herinnering.’

Na deze overpeinzing vertelde Hans Muiderman onder de titels Taal en Pseudo-stad over twee plekken in Friesland en vroeg zich af ‘hoe een plek omgaat met zijn verleden’.

Taal

Geke Postma-Postma heeft het Bildts dictee gewonnen, herinner ik me terwijl ik vanaf de Oude Bildtsedijk het land in kijk. Rechts een enorm gebouw met sierlijke letters op de gevel: Openbaar Lager Onderwijs Anno 1898. Wellicht leerden daar de kinderen het Bildts. Of juist niet, dat kan ook, wat je spreekt hoef je niet meer te leren….

Wil je de gehele tekst lezen? Stuur Hans een mail: hansmuiderman@hetnet.nl.

Vervolgens luisterden we naar de muzikale reis van Marcel Prins (geen familie, wel verwant) op viool, eerst buiten en daarna binnen.

Egbert de Jong verzorgde het geluid buiten en meerdere lieve gasten namen ons werk uit handen.

’s Avonds waren er onder andere smaakvolle hapjes van Met Tien aan Tafel en uitstekende geitenkaas van Doetie’s Geiten.

Het deel van de 61 kunstenaars dat niet op vakantie was, was hier, samen met kunstliefhebbers en goede vrienden en wie elkaar nog niet kende kent elkaar nu wel! Gelukkig hadden we de ruimte in de tuin, want de tentoonstellingsruimte zou hiervoor veel te klein zijn geweest. Iedereen genoot binnen van de rust en de muziek in de tentoonstelling en buiten van elkaar en het eten. Een samengaan van visuele en auditieve geneugten met smaak en emotie.

Zelfs het weer werkte mee: het was droog, warm maar niet tè heet. Last but not least waren daar Dagmar en Nienke, die ons hielpen met het inschenken van de glaasjes en alle verdere barwerkzaamheden.

Elke donateur dong mee naar een zelf uit te zoeken kunstwerk van Marcel of Birgit. De winnaar werd uit de ‘hoed’ getoverd door Marcel Prins (de violist dus).

Dankzij alle lieve donaties en hand- en spandiensten hebben we samen dit feest kunnen genieten.

We gaan huppelend door naar de volgende mijlpalen.

Foto’s: Anna, Henk Porck, Leo en Annette Cahn, Marian Bijlenga, Geertje Huisman, Pim Piët, Marcel Prins.

Prachtig werk en een prachtige opening

 

Mooie openingswoorden van Ingrid Blans

Genodigden, vrienden van galerie Kunstlokaal №8, familie en vrienden van beide kunstenaars, kunstminnaars…welkom op de tentoonstelling van Eddy Stikkelorum en Maartje Blans. De een ‘n beeldend kunstenaar die in de loop van de afgelopen dertig jaar ons tot vriend geworden is, de ander een onlangs – oneerbiedig gezegd – ‘aangewaaid’ nichtje, niet eens zo’n ver-weg nichtje, en tot mijn grote voldoening een beeldend kunstenaar waarvan nog veel is te verwachten. Zoals wij hier staan vormen wij een gezelschap, dat om verschillende redenen zich verbonden voelt om deze opening mee te maken.
Lees verder Prachtig werk en een prachtige opening

Een gezellige boel

bij de opening van de tentoonstelling van Hans Emmelkamp en Wianda Keizer.

Om 12:00 uur heerste nog een serene rust in het Kunstlokaal. Buiten was al duidelijk voelbaar dat dit de eerste warme dag van de lente zou worden. Feestelijk zonlicht bescheen de beelden van Wianda in de tuin.

Om 15:00 uur stroomde de tentoonstellingsruimte vol. Zó vol, dat er bijna geen beeld meer te zien was. Het werk van Hans Emmelkamp aan de wanden was, boven de hoofden, nog wel zichtbaar aanwezig.

Marcel opende de tentoonstelling met de woorden: “Welkom, fijn dat u hier bent. De alternatieven waren legio: het mooie weer had u kunnen weerhouden, de KunstRai trekt, waar bij diverse collega-galeriën werk is te zien van eerdere exposanten van Kunstlokaal №8, zoals Olaf Mooij, Anne Rose Regenboog, Tineke Porck, Marian Bijlenga, Eddy Stikkelorum. Om de hoek, op loopafstand, biedt Loof haar waren. Melklokaal sluit dit weekend met Abma en Bleeker. En vergeet de Ecokathedraal in Mildam niet! Morandi in Museum Belvédère is natuurlijk een gouden greep. Volgende week zullen twee werken van Hans er gehangen worden in één van de kabinetten.
Oprecht noodzakelijk is deze tentoonstelling van Keizer en Emmelkamp. Althans, dat vinden wij. De DERTIGSTE DUO!

Wianda kreeg het ‘eerste exemplaar’ van het boekje uitgereikt, waarna Hans het ‘tweede eerste exemplaar’ in ontvangst nam.

Conditie en tegenbod, de tentoonstelling is geopend.

Marcel opent de tentoonstelling, waarna Tanja Isbarn en Julia Gubitz de bezoekers vertellen hoe hun werk tot stand komt.

Tanja Isbarn: “De ruimte is voor mij het kader waarbinnen ik teken, maar vooral de tijd is belangrijk.”

Julia Gubitz: “In meinen Arbeiten beschäftige ich mich, mit den Abständen der Dinge zueinander, wie ich sie für angemessen emotional betrachte.”

Van Julia Gubitz zijn drie soorten werk te zien: tekeningen, bronzen objecten en keramische objecten overtrokken met textiel. Van Tanja Isbarn tonen we enorme tekeningen en kleine sculpturen.

Tanja memoreert hoe deze tentoonstelling in samenwerking en in samenhang is opgebouwd, eerder als een installatie dan als een tentoonstelling van twee kunstenaars apart. Een van de aanwezigen noemt het ‘een museale presentatie’. Een groot compliment!