Veroveren

Inleiding op de expositie van Ilona Hakvoort en Anne Rose Regenboog.

Vanaf de New York Metrobank van Gjaltproducties.

Het was in oktober 2015 toen we naar New York vlogen, op uitnodiging van Barbara Bartlett (die hier ook heeft geëxposeerd).
De eerste avond verdwaalden we meteen al. In de metro. We zouden naar Queens, maar we gingen veel te ver. Onder de grond midden in Manhattan stapten we uit met onze rolkoffertjes.
En dat was de eerste keer dat we de bank zagen. Stevig, doorleefd en prachtig. Met een paar daklozen erop die ons behulpzaam de weg wezen.
Later die week veroverden we behalve per metro vooral lopend de stad, straat na straat, wolkenkrabber na werk-in-aanbouw. Het licht was veel helderder dan hier, heel veel licht was er, en kleur, en overal staalconstructies. Hijskranen, steigers, bruggen, ijzeren lijnen.

In februari dit jaar gingen we naar Rotterdam, naar Object, om het nieuwe werk van Anne Rose te zien. Achter deze zelfde Metrobank, op een pokdalige fabriekswand, hingen de kubussen en speelden met het licht. Het leek of de kubussen bewogen over de wand, als een film. De bank bleef stevig staan.

Anne Rose doet honderden ontdekkingen met de kubus als basis en begrenzing. De ribben van de kubus, om precies te zijn, en de lijnen daartussen die de vlakken verdelen. Nieuw is dat ook de ruimte binnenin wordt gearticuleerd met lijnen. Brede lijnen die de kubus iets zelfverzekerds geven.
In zijn eentje is elke kubus als een tekening in de ruimte. Luchtig en concreet tegelijk. Door die ruimtelijkheid is het beeld nooit hetzelfde als wat je net nog zag, de lijnen verschuiven ten opzichte van elkaar, kruisen elkaar en laten weer los. De constructie krijgt iets poëtisch.
Met elkaar worden de kubussen een verhaal, een ruimtelijk verhaal, dat je niet kunt vertellen, maar dat je moet ondergaan met je zintuigen. Je ogen, de bewegingen van je lichaam.
Daarin is de beschouwer essentieel. Anne Rose heeft de kubussen gemaakt met een andere intentie dan dat ik ze zie, dan dat jullie ze zien. Misschien begrijp ik ze niet eens, heeft mijn manier van kijken niets meer te maken met het proces van Anne Rose. Anne Rose is de schepper, wij zijn in deze wereld te gast.

DSC03030kopie

Een verhaal dat je leest, een film die je meesleept naar een andere tijd en plaats. Terwijl dit gebeurt geven je eigen associaties kleur aan het verhaal, veranderen het verhaal. En de kleur van het verhaal legt een tint over je ervaring van de werkelijkheid, net zoals de kleur van de bloesem in de tuin het licht binnen kleurt.

DSC03028kopie

Ilona’s kleuren zijn veel meer dan een zweem over de werkelijkheid, ze zijn de hoofdpersonen in hun eigen universum. Ze hebben namen, de kleuren, veel preciezer dan rood of blauw. Wie weet het verschil tussen cadmium, scharlaken en vermiljoen? Ultramarijn en kobalt? Ilona’s pigmenten hebben namen als Siegle oranje, Kalkgroen, Hansageel, Sirius. Pigmenten, stoffen die kleur geven. Schilders gebruiken ze in combinatie. Het rood van het Joodse bruidje van Rembrandt is zo mooi rood omdat Rembrandt het tegen veel minder krachtige kleuren zette. Die ene kleur laten stralen, tussen kleuren die ondersteunend zijn.
Ilona’s kleuren staan op zichzelf. Ze doen me denken aan toen ik nog klein was en met mijn verfdoos ‘de allermooiste kleur’ probeerde te mengen. Aan het felgroene kleurpotlood waarmee ik bij voorkeur álle gras en bomen inkleurde, waardoor dit potlood het snelst op raakte van de hele doos. Aan bosbessensaus in de yoghurt, dik en donker in het midden en transparant vervloeiend langs de randen. En aan bloeddruppels tijdens een biologieproef op school, waarbij het bloed ging schiften in rode en witte bloedlichaampjes.
Ook deze associaties hebben niets te maken met wat Ilona doet in haar atelier.

Jullie hebben ongetwijfeld je eigen associaties, het werk leent zich ervoor. De beschouwer maakt het werk als het ware af door het te veroveren, zijn eigen verhaal te verbinden met het verhaal dat de kunstenaar vertelt. Als je voor de confrontatie met het werk, deze ervaring, open staat, ontdek je steeds nieuwe, inspirerende werelden.

DSC03038kopie

Henk Rusman en Josias Scharf

Tot en met 11 november

De wiskundige precisie van de ruimtelijke objecten van Henk Rusman in combinatie met de dynamische ritmiek in de schilderijen van Josias Scharf: cerebraal en fysiek. Cultuur en natuur, hoofd en hart. Allebei noodzakelijk.

 

 

In beweging – Milly Betten en Jan Loman

Bij de opening van de tentoonstelling van Milly Betten en Jan Loman vertelde Joost van Bodegom, goede vriend van wijlen Jan Loman en oud-burgemeester van Beetsterzwaag, onder andere over de verhouding van Jan Loman tot het landschap en de verbeelding ervan.

Milly Betten gaf ons een inkijkje in haar leven als beeldend kunstenaar. Ze nam ons mee naar haar jeugd en de verschillende periodes in haar werk.

Ze vertelde wat het landschap van het noorden voor haar betekent, de liefde ervoor en de ingrepen in dit landschap, waardoor het is veranderd:

Ik ben opgegroeid in Ferwert met de zeedijk op een paar honderd meter achter ons boerderijtje. Aan de voorkant hadden we zicht op de terp van Hogebeintum, die naast de dijk de enige bobbels in het verder vlakke landschap waren. De zeedijk is er om je te beschermen tegen hoog water. In mijn jeugd was die niet hoog genoeg. Ik was bang voor hoog water. Vorige week was ik naar de Stormruiter in het FEC waar ook de strijd tegen het zeewater werd verbeeld op t Bildt. En welk plan wordt het dan: de bestaande dijk verhogen of een gedeelte gewonnen land erbij inpolderen? Thema’s waar ook Jan Loman mee te maken had.

En over de aard van het schilderij:

Een schilderij staat dus stil. Maar door er enige tijd naar te kijken heb je al beweging gekregen. In mijn werk probeer ik de toeschouwer te verleiden met zijn ogen over het werk te gaan en telkens even te blijven hangen om dan weer verder te gaan.

en haar eigen werk:

Ik ben een landarbeider,
en leg paden aan
en ik graaf wat sloten.
Bevrucht het land
en
 zaai potelingen.
Ook haal ik er weer wat tussen uit.

En aan het eind van het seizoen
zet ik een huis op de dijk.

IMG_1475-c
Milly Betten, Emulgator 6, olieverf op doek, 80 x 100 cm (2018)

Het openingsfeest was heerlijk en prachtig

Jubel!

Het openingsfeest op 4 augustus was heerlijk en prachtig, met zoveel belangstelling en zoveel vrienden.

Schrijver Hans Muiderman hield een boeiende voordracht:

Overpeinzing vooraf 

‘Denken doe je met je lichaam. Als je zit voltrekt het denken zich anders dan als je wandelt. En weer anders dan als je fietst of als je je al zittend verplaatst bijvoorbeeld in een trein. Als ik in de trein schrijf, zijn mijn teksten altijd licht van toon.

Veel inspiratie doe ik op als ik me verplaats. Maar als ik iets noteer omdat het me opvalt, doe ik dat natuurlijk in stilstand. 

Het schrijven zelf doe ik het liefst in een bijna absolute stilte, met ruim uitzicht en op een harde stoel. Na een paar uur schrijven ga ik wandelen. In geval van fictie schrijven gaat het verhaal dan verder in mijn hoofd. Een plot ontstaat altijd wandelend. Elk plot dat zittend ontstaat, kan later worden weggegooid.

Een reisverhaal maak ik nooit vlak nadat ik gereisd heb. Zou ik dat doen, dan werd ik journalist. Pas weken na het reizen begin ik te schrijven. Ik schrijf vanuit mijn herinnering.’

Na deze overpeinzing vertelde Hans Muiderman onder de titels Taal en Pseudo-stad over twee plekken in Friesland en vroeg zich af ‘hoe een plek omgaat met zijn verleden’.

Taal

Geke Postma-Postma heeft het Bildts dictee gewonnen, herinner ik me terwijl ik vanaf de Oude Bildtsedijk het land in kijk. Rechts een enorm gebouw met sierlijke letters op de gevel: Openbaar Lager Onderwijs Anno 1898. Wellicht leerden daar de kinderen het Bildts. Of juist niet, dat kan ook, wat je spreekt hoef je niet meer te leren….

Wil je de gehele tekst lezen? Stuur Hans een mail: hansmuiderman@hetnet.nl.

Vervolgens luisterden we naar de muzikale reis van Marcel Prins (geen familie, wel verwant) op viool, eerst buiten en daarna binnen.

Egbert de Jong verzorgde het geluid buiten en meerdere lieve gasten namen ons werk uit handen.

’s Avonds waren er onder andere smaakvolle hapjes van Met Tien aan Tafel en uitstekende geitenkaas van Doetie’s Geiten.

Het deel van de 61 kunstenaars dat niet op vakantie was, was hier, samen met kunstliefhebbers en goede vrienden en wie elkaar nog niet kende kent elkaar nu wel! Gelukkig hadden we de ruimte in de tuin, want de tentoonstellingsruimte zou hiervoor veel te klein zijn geweest. Iedereen genoot binnen van de rust en de muziek in de tentoonstelling en buiten van elkaar en het eten. Een samengaan van visuele en auditieve geneugten met smaak en emotie.

Zelfs het weer werkte mee: het was droog, warm maar niet tè heet. Last but not least waren daar Dagmar en Nienke, die ons hielpen met het inschenken van de glaasjes en alle verdere barwerkzaamheden.

Elke donateur dong mee naar een zelf uit te zoeken kunstwerk van Marcel of Birgit. De winnaar werd uit de ‘hoed’ getoverd door Marcel Prins (de violist dus).

Dankzij alle lieve donaties en hand- en spandiensten hebben we samen dit feest kunnen genieten.

We gaan huppelend door naar de volgende mijlpalen.

Foto’s: Anna, Henk Porck, Leo en Annette Cahn, Marian Bijlenga, Geertje Huisman, Pim Piët, Marcel Prins.

Prachtig werk en een prachtige opening

 

Mooie openingswoorden van Ingrid Blans

Genodigden, vrienden van galerie Kunstlokaal №8, familie en vrienden van beide kunstenaars, kunstminnaars…welkom op de tentoonstelling van Eddy Stikkelorum en Maartje Blans. De een ‘n beeldend kunstenaar die in de loop van de afgelopen dertig jaar ons tot vriend geworden is, de ander een onlangs – oneerbiedig gezegd – ‘aangewaaid’ nichtje, niet eens zo’n ver-weg nichtje, en tot mijn grote voldoening een beeldend kunstenaar waarvan nog veel is te verwachten. Zoals wij hier staan vormen wij een gezelschap, dat om verschillende redenen zich verbonden voelt om deze opening mee te maken.
Lees verder Prachtig werk en een prachtige opening