NO WORDS

Woorden die vandaag gelden kunnen morgen anders zijn.*

Ik heet Marcel en vandaag open ik niet met zóveel woorden deze tentoonstelling.

Welkom in ons Kunstlokaal №8, bij Monnikenwerk en vertellingen, de arbeid van Carrie Meijer en Ies Schute.

Nee, niet met zoveel woorden. En vast liggen die woorden helemaal niet ook al staan er hier enkele op dit papier gekrabbeld – een probatio pennae, ik probeer mijn pen. Het is meer een ‘Gaan waar de woorden gaan’ .** Uit het ene verhaal schilder ik het andere, zoals Ies dat dagdagelijks doet: ‘Zoals het je overkomt’.* Puttend uit teksten, foto’s, handelingen, gebeurtenissen en florale notities van vergankelijke seizoenen. Gaandeweg in de tijd samenvloeiend groeit een In Liefde Bloeyende stroom structuren, fragmenten van vormen en kleuren aaneen tot spirituele votieven op het rustgevende formaat van een A4-tje. Met een intens, donker dreigend of juist lichte boodschap of betekenis. Geordende materie in een eigen vocabulaire geboekstaafd. Concrete Poëzie?

‘Niet met zoveel woorden’ is de titel van een tentoonstelling in het museum Kröller-Müller, Otterlo, die ook vandaag opent. Men zegt: ‘een grote variëteit aan kunstwerken uit de collectie waarin woorden, letters, zinnen en tekstfragmenten een prominente rol spelen’.

Monnikenwerk en vertellingen. Uit de meesterlijke roman ‘Ik heet Karmozijn’ van Nobel-laureaat Orhan Pamuk citeer ik:

“Een grote Europese meester-illuminator liep een keer met een andere grote meester-illuminator door het Europese struweel, converserend over kunst en meesterschap. Al kuierend kwamen ze bij de rand van een bos. De beste meester van de twee zei tegen de ander: ‘Om volgens de nieuwe stijl te schilderen moet je zo’n vaardigheid hebben dat als je één van de bomen uit dat bos geschilderd hebt, iemand die dat schilderij gezien heeft desgewenst hierheen kan komen en die boom zo kan herkennen.’

Ik, de nederige tekening van een boom die u hier ziet, dank God uit het diepst van mijn hart dat ik niet op die manier ben afgebeeld. Niet omdat ik, als ik op Europese wijze geschilderd was, bang zou zijn dat alle honden van Istanboel zouden denken dat ik echt was en tegen mij aan zouden plassen. Maar omdat ik niet een boom wil zijn maar zijn betekenis.”

De penneproeven die Carrie in haar cel (lees: atelier) met uitzicht op Chinese kerk-kalligrafiën uit haar twintigste-eeuwse ganzenveer – de Rotring-pen – laat vloeien zijn als een Asemisch schrift zonder specifieke semantische inhoud. Het kan door elke lezer op een volstrekt andere manier worden gelezen. De taal van de schrijver (Carrie) en die van de lezer (u) kunnen dezelfde of juist niet zijn. Een soort logogrammen? Bij zulk gecompliceerd schrift wordt voor elk woord, grafeem of begrip een apart symbool gebruikt, zoals in Chinese talen. Dit in tegenstelling tot een fonogram, waarin juist de fonemen worden weergegeven. Homo Duplex!

Geen woorden maar daden in Carrie’s werk. Een ritmisch fugaal klankschrift, een vlucht waarin fenomenale meerstemmigheid en gevarieerde herhaling een hoofdrol spelen.

Kunstlokaal №8 en de beide exposanten nodigen u van harte uit deze prachtige uitstalling te vervolmaken door het aanbrengen van vele rode stippen die ik voor u heb klaargelegd.

Mijn schoonschrijverij geeft slechts blijk van mijn hoogst particuliere spinsels die mij brachten tot het aaneenrijgen van deze dualiteit.

Ik hoop dat u evenveel geniet als ik van dit samenraapsel.

‘Als alles op zijn plek valt, dan is het klaar’.*

© Marcel Prins, 1 februari 2020

___

* Ies Schute

** Een tentoonstelling die ik in 1998 in het Literatuurmuseum maakte

Opening van de tentoonstelling van Irma Horstman en Birgit Speulman

Dit is (g)een tekening

Openingswoorden van Birgit Speulman

“Welkom in deze ruimte tussen het werk van Irma Horstman en mijzelf. De stalen beelden en de blauwe installatie zijn van Irma Horstman, de tekeningen of, zo je wilt, collages zijn van mij. Dank je wel, Irma, dat je hier met mij samen wil exposeren.

Ik wil jullie graag iets vertellen. Over wandelen, tekenen, ruimte en betekenis. En wat dat met elkaar te maken heeft.”

Lees verder op: Dit is (g)een tekening | tentoonstellingen | Birgit Speulman

O, wat ZOMER!

Morgen om 12.00 uur begint ZOMER!

En om 15.00 uur gaan we echt los! Zinderend, zonnig, zorgeloos, bezield en soms een tikje geheimzinnig… Hieronder de laatste verse werken, en nog wat extraatjes van… Kom morgen of in de komende twee weken zelf maar kijken.

Hans Emmelkamp
Marcel Prins
Leo Cahn (extra)
Vladica Ristić
Birgit Speulman

Manon van Silfhout
Maartje Blans
Moki Last
affiche

… 27 juli t/m 11 augustus

Open woensdag t/m zondag

Veroveren

Inleiding op de expositie van Ilona Hakvoort en Anne Rose Regenboog.

Vanaf de New York Metrobank van Gjaltproducties.

Het was in oktober 2015 toen we naar New York vlogen, op uitnodiging van Barbara Bartlett (die hier ook heeft geëxposeerd).
De eerste avond verdwaalden we meteen al. In de metro. We zouden naar Queens, maar we gingen veel te ver. Onder de grond midden in Manhattan stapten we uit met onze rolkoffertjes.
En dat was de eerste keer dat we de bank zagen. Stevig, doorleefd en prachtig. Met een paar daklozen erop die ons behulpzaam de weg wezen.
Later die week veroverden we behalve per metro vooral lopend de stad, straat na straat, wolkenkrabber na werk-in-aanbouw. Het licht was veel helderder dan hier, heel veel licht was er, en kleur, en overal staalconstructies. Hijskranen, steigers, bruggen, ijzeren lijnen.

In februari dit jaar gingen we naar Rotterdam, naar Object, om het nieuwe werk van Anne Rose te zien. Achter deze zelfde Metrobank, op een pokdalige fabriekswand, hingen de kubussen en speelden met het licht. Het leek of de kubussen bewogen over de wand, als een film. De bank bleef stevig staan.

Anne Rose doet honderden ontdekkingen met de kubus als basis en begrenzing. De ribben van de kubus, om precies te zijn, en de lijnen daartussen die de vlakken verdelen. Nieuw is dat ook de ruimte binnenin wordt gearticuleerd met lijnen. Brede lijnen die de kubus iets zelfverzekerds geven.
In zijn eentje is elke kubus als een tekening in de ruimte. Luchtig en concreet tegelijk. Door die ruimtelijkheid is het beeld nooit hetzelfde als wat je net nog zag, de lijnen verschuiven ten opzichte van elkaar, kruisen elkaar en laten weer los. De constructie krijgt iets poëtisch.
Met elkaar worden de kubussen een verhaal, een ruimtelijk verhaal, dat je niet kunt vertellen, maar dat je moet ondergaan met je zintuigen. Je ogen, de bewegingen van je lichaam.
Daarin is de beschouwer essentieel. Anne Rose heeft de kubussen gemaakt met een andere intentie dan dat ik ze zie, dan dat jullie ze zien. Misschien begrijp ik ze niet eens, heeft mijn manier van kijken niets meer te maken met het proces van Anne Rose. Anne Rose is de schepper, wij zijn in deze wereld te gast.

DSC03030kopie

Een verhaal dat je leest, een film die je meesleept naar een andere tijd en plaats. Terwijl dit gebeurt geven je eigen associaties kleur aan het verhaal, veranderen het verhaal. En de kleur van het verhaal legt een tint over je ervaring van de werkelijkheid, net zoals de kleur van de bloesem in de tuin het licht binnen kleurt.

DSC03028kopie

Ilona’s kleuren zijn veel meer dan een zweem over de werkelijkheid, ze zijn de hoofdpersonen in hun eigen universum. Ze hebben namen, de kleuren, veel preciezer dan rood of blauw. Wie weet het verschil tussen cadmium, scharlaken en vermiljoen? Ultramarijn en kobalt? Ilona’s pigmenten hebben namen als Siegle oranje, Kalkgroen, Hansageel, Sirius. Pigmenten, stoffen die kleur geven. Schilders gebruiken ze in combinatie. Het rood van het Joodse bruidje van Rembrandt is zo mooi rood omdat Rembrandt het tegen veel minder krachtige kleuren zette. Die ene kleur laten stralen, tussen kleuren die ondersteunend zijn.
Ilona’s kleuren staan op zichzelf. Ze doen me denken aan toen ik nog klein was en met mijn verfdoos ‘de allermooiste kleur’ probeerde te mengen. Aan het felgroene kleurpotlood waarmee ik bij voorkeur álle gras en bomen inkleurde, waardoor dit potlood het snelst op raakte van de hele doos. Aan bosbessensaus in de yoghurt, dik en donker in het midden en transparant vervloeiend langs de randen. En aan bloeddruppels tijdens een biologieproef op school, waarbij het bloed ging schiften in rode en witte bloedlichaampjes.
Ook deze associaties hebben niets te maken met wat Ilona doet in haar atelier.

Jullie hebben ongetwijfeld je eigen associaties, het werk leent zich ervoor. De beschouwer maakt het werk als het ware af door het te veroveren, zijn eigen verhaal te verbinden met het verhaal dat de kunstenaar vertelt. Als je voor de confrontatie met het werk, deze ervaring, open staat, ontdek je steeds nieuwe, inspirerende werelden.

DSC03038kopie