Andere Achterhuizen

Ook in Nij Beets wordt aandacht besteed aan 70 jaar Bevrijd Nederland. De twee naburige scholen OBS De Jasker en CBS De Arke doen dat gezamenlijk. Woensdag 29 april kwamen hun beider groepen 1/2 naar Openluchtmuseum Het Damshûs om een veilige, maar vooral ook fijne schuilplaats te bedenken.
‘Onder de trap’ riep er één, ‘achter de bank’, ‘in de schoorsteen’ en zelfs ‘onder water’. Eén jongen wilde een kuil met stenen die zijn zusje dan zou moeten bedekken met takken en bladeren. Maar wat dacht je van ‘in de lift van IKEA’? Nadat ze hun ideeën op papier hadden gezet en er honderduit over fantaseerden en vertelden bouwden ze allemaal een stevig onderkomen met de houtjes die ik uit mijn hele grote ‘vluchtkoffer’ toverde.

Andere Achterhuizen

Donderdag 30 april waren de groepen 3/4 aan de beurt.
Er waren kinderen die wisten te vertellen dat bij hun Pake en Beppe onderduikers in de schuur gezeten hadden. Sommigen kenden het verhaal van Anne Frank en het Achterhuis. Eén jongen was zelf met zijn moeder als oorlogsvluchteling naar Nederland gekomen.
Met karton en lijm bouwde ieder een plekje om zich te verstoppen. Geheime luiken onder het kleed, trappen naar de zolder of de kelder, de kleerkast had een achterdeurtje. En soms werkten ze samen om van het ene naar het andere vertrek over te kunnen steken.
Alle kamers tezamen stapelden we tot één groot bouwwerk.

Andere Achterhuizen

Met dank aan mijn naamgenoot Marcel Prins (géén familie) voor de titel Andere Achterhuizen

Vrijheid

70 jaar vrijheid was het gegeven onderwerp voor beeldende workshops op CBS Votum Nostrum in Wijnjewoude. Marcel gaf les aan groep 1-2 en groep 8, Birgit aan groep 3 en groep 5-6.

Groep 1-2 en groep 8

Vrijheid

Zowel groep 1-2 als groep 8 bouwde labyrinten. De kleuters (boven en rechtsonder in de afbeelding) hadden er talent voor.

De achtste groepers (linksonder) voelden feilloos de paradox aan in het gedicht van Gerrit Komrij.

Er is geen vrijheid in de zandwoestijn,
Al staan er nergens hekken, nergens palen.
Het is maar beter – als je vrij wilt zijn –
Om sierlijk door een labyrint te dwalen.

Zelfs een ‘achterhuis’ werd in hun driedimensionale labyrint verwerkt.

Vrijheid Votum Nostrum groep 3

Groep 3

We kijken naar een plaatje op het digibord. Het is een boekomslag en er staat op: Ik mag helemaal niks. We zien een meisje dat haar tong uitsteekt. Ik vraag: mogen jullie doen wat je wil? De kinderen denken allemaal dat ze alles mogen. Heerlijk lijkt me dat.

Ik lees het gedicht Drie ouwe ottertjes voor.

Zijn er toch ook dingen die zij niet mogen? Mag je slaan? Nee, natuurlijk niet, vinden ze, dan doe je iemand pijn. ‘Nou’, zegt een jongen, terwijl hij opspringt: ‘als er een dief komt dan mag je hem doodmaken’. ‘Nee, hoor, dat mag niet’, zeggen Juf en ik in koor. Een andere jongen weet dat je een dief wel mag vangen en dan de politie bellen.

Zijn er ook dingen die moeten? De kinderen zijn het erover eens dat school moet. Behalve als je vrij hebt.

Op een tafel heb ik stapeltjes gekleurd A4 en oliepastels klaargelegd. De kinderen mogen tekenen. Ze mogen helemaal zelf weten wat. Op de grond leg ik drie grote vellen papier waarop ik schrijf: ‘ik mag’, ‘ik mag niet’ en ‘ik wil’. De kinderen bedenken zelf waar hun tekeningen bij horen. De dingen die nergens bij horen komen op een vierde vel papier. Een groepje meisjes leert elkaar harten tekenen. Enkele jongens tekenen mannetjes die plassen en vrouwtjes met borsten. Even later liggen de meeste tekeningen bij: ‘ik mag’ en: ‘ik mag niet’. Kunnen ze ook tekenen wat ze graag willen? Naar het zwembad! IJsjes eten! Dát is vrijheid, voor groep 3.

Groep 5-6

We doen een spel. Drie kinderen krijgen een sticker met een woord op hun rug geplakt: koning, hond, juf… Ze krijgen de opdracht de andere twee kinderen in hun groepje te benaderen als het personage dat op hun rug staat. Dat blijken ze heel moeilijk te vinden. Ze zijn vooral bezig te raden wat ze zelf zijn. In het tweede groepje barst de ‘lafaard’ in tranen uit. Zo sterk kan het werken, als je een label opgeplakt krijgt. Gelukkig is het snel weer over, het was maar een sticker. Niet echt.

Ik vraag: ‘kun je zelf kiezen wie je bent?’ Het gesprek dat de kinderen voeren gaat vooral over wat je goed kan en hoe je eruit ziet. Een meisje klaagt dat ze niet zelf mag kiezen wat ze aantrekt: ‘en dat vind ik heel stom’. Een jongen zegt dat je zelfs als je weinig talent hebt, je toch best een kampioen kan worden. Een meisje vult aan dat je daarvoor vooral een sterke wil nodig hebt en heel veel doorzettingsvermogen. Anders lukt het zelfs niet mèt talent. De groep is het erover eens dat je deels zelf kunt kiezen wie je bent, maar niet helemaal.
Dan leven de kinderen zich tot de pauze uit met structuren tekenen.
Na de pauze lees ik het gedicht voor In ’t kleine dorpje Bladerstil/ daar kiest men wat men worden wil/… ik besluit met: ‘wat wil je worden? Een vogel, een monster, een ophaalbrug?’ De kinderen maken maskers van wat ze vandaag willen zijn en gebruiken daarbij de structuren die ze hebben getekend. Als ze klaar zijn gaan ze allemaal op de foto.

Vrijheid Votum Nostrum groep 5-6